Etappe 16: Millingen aan de Rijn – Groesbeek (19 km)

🥾 Terrein:
Overwegend vlakke etappe met veel afwisseling. Het eerste deel voert over asfalt-, grind- en zandwegen door open landbouwgebied. Later maken deze plaats voor bos, natuurgebieden, glooiende paden en een korte maar stevige klim naar de Duivelsberg. De ondergrond blijft doorgaans goed begaanbaar.

🏞️ Bezienswaardigheden:
• Monumentale hoeve Plezenburg
• Ooievaarsnesten langs de route
• Kerk van Leuth, met sporen van de Tweede Wereldoorlog
• Natuurgebied met molen, roerdompbeeld en houten sculpturen
• Wylerbergmeer
• Duivelsberg, bosrijke heuvel met motte Mergelpe
• Groesbeek, gezellige aankomstplaats

Afstand & duur:
19 km – ongeveer 4 à 5 uur wandelen, exclusief pauzes.

⛰️ Zwaartegraad:
Makkelijk tot gemiddeld. De route is technisch eenvoudig, maar de klim naar de Duivelsberg is best pittig.

Oordeel: 3,5/5

Kaasverminking

De dag begon tegelijk goed en een beetje vreemd. Het ontbijt was zeer verzorgd met vers gebakken brood, fruit en versgeperst fruitsap. Maar ook met een resem kazen. Het mes dat er naast lag deed mij denken dat deze laatste ook aangesneden kon worden. Helaas stond de gastvrouw erop at deze egaal werd geschaafd. Zo ontstond kaasgate, met een halve beschuldiging van kaasverminking.

Een moeilijke start

Na het ontbijt vertrokken we voor een goede negentien kilometer, wat uiteindelijk een goede tweeëntwintig kilometer zou worden. Het eerste deel bestond vooral uit asfalt, zand en grindwegen door landbouwgebied, met af en toe een bomenrij voor schaduw. Eenzaam hoogtepunt was de monumentale hoeve Plezenburg. Her en der werd het landschap opgevrolijkt door ooievaarsnesten met kuikens die kwamen piepen.

Een eerste pauze namen we aan de kerk van het kleine dorpje Leuth. Dit plekje werd samen met de directe omgeving zwaar getroffen door de tweede wereldoorlog. Een heel ander sentiment was er even verderop, waar een brassband de zonnige pinksterochtend opluisterde met vrolijke muziek. Het was een leuk intermezzo.

De Duivelsberg

Daarna brak er een nieuwe fase aan, eentje met een waterloop, een flinke dosis natuur, maar ook met een molen, een houten beeltenis van een roerdomp en een stel houten sculpturen die kinderen in oorlogsgebied moesten symboliseren. Het was de interlude van het mooie stuk van de dag, dat het eerste, wat saaiere, zeker wist te compenseren.

De echte hoogtepunten begonnen voorbij dit drukke stuk met heel wat fietsers. Eerst deden we een kleine toer rond het Wylerbergmeer, waar een stel ruiters besloten hun paarden even te laten zwemmen. Daarna ging het met de hulp van aangelegde treden naar boven, richting de Duivelsberg, waar ook de motte Mergelpe te vinden was. Het uitzicht was minder en benden op de ‘berg’ was ook geen picknickgelegenheid. En dus daalden we af voor hartige pannenkoeken bij Pannenkoekenhuis ‘De Duivelsberg’.

Groesbeek

Goed gevuld was het nog een zeven kilometer te gaan. Ook dit was veel mooier dan het eerste gedeelte, met een afdaling door het bos en een hoop gras- en zandwegen door velden en tussen glooiende weiden. Het deed een beetje denken aan Pajottenland.

We hielden nog een keer halt en daalden daarna af naar onze eindbestemming in Groesbeek, een klein maar gezellig dorp. Na een lange en door de hitte vermoeiende dag, ploften we eerste neer voor een drankje op het terras, aan een klein watertje. Naar goede traditie deden we ons ook nog eens tegoed aan nachos en vegetarische bitterballen. Hierna gingen we naar hotel de Oude Molen waar w e ook eten en met een driegangen menu ons voordeel deden.

Meer wandelingen op het Pieterpad vind je hier: https://fromtheseatothelandbeyond.com/het-pieterpad/

Etappe 15: Braamt – Millingen aan de Rijn (25 km)

🥾 Terrein:
Gevarieerde etappe met een opvallend heuvelachtig begin. Lange bospassages worden afgewisseld met heide, graspaden langs waterlopen, natuurgebieden en enkele stukken verharding. De ondergrond is doorgaans goed begaanbaar, maar de opeenvolgende klimmetjes maken het begin van deze dag fysiek pittiger dan veel andere Pieterpadetappes.

🏞️ Bezienswaardigheden:
• Bergherbos – uitgestrekt bosgebied met lange klim door het groen
• Hulzenberg – hoogste punt van de dag met uitkijktoren en panorama
• Eltenberg – laatste klim voor de Duitse grensstreek
• Sint-Vituskerk in Hoch Elten – markant herkenningspunt
• Rivier De Wilde – rustig graspad langs het water
• Carvium Novum – natuurgebied ontstaan door kleiwinning
• Lobith – gezellig grensdorp met rustpunt “Lief Lobith”
• Geuzewaard – groen natuurgebied met bijna sprookjesachtige sfeer
• Tolkamer – mix van dorpskern, recreatie en scheepvaart
• Veerboot naar Millingen aan de Rijn

Afstand & duur:
25 km – reken op ongeveer 6,5 uur wandelen, exclusief pauzes.

⛰️ Zwaartegraad:
Gemiddeld. De eerste helft bevat enkele stevige klimmetjes en ook een de langste etappe op de hele route.

Oordeel: 4,5/5

Het ontbijt kon vroeg geserveerd worden. Met zo’n 25 kilometer voor de boeg was dit een handige opportuniteit. Om 7u30 zaten we samen met Mien aan de ontbijttafel. We maakten kennis met Yvonne. Het ontbijt zelf was lekker en uitgebreid. Zo waren we klaar voor de veelbelovende dag en zeiden we gedag aan onze vrienden op de fiets-gastheer en gastvrouw.

Bergen met vistas

Na een kort stukje om Braamt te verlaten begon de wandeling pas echt in een mooi bos. Het was meteen klimmen geblazen. Het pad ging lange tijd door het Bergherbos, eerst langs de Hettenheuvel en vervolgens naar de Hulzenberg, 82 meter met nog een uitkijktoren van 20 meter erbij. Het was een uitgelezen kans om een panorama van de hele omgeving voorgeschoteld te krijgen.

Het bos bleef nog even voor beschutting zorgen, ook al was er een mooi stukje heide dat voor afwisseling zorgde. Na even op adem te kunnen komen ging het opnieuw in stijgende lijn, naar de Eltenberg. Na deze laatste echte klim daalden we naar het Duitse Hoch Elten, waar de Sint-Vituskerk in het oog sprong.

Schoonheid troef

Het bos werd verlaten, maar de natuur bleef mooi aanwezig. Een graspad volgde namelijk de rivier De Wilde. Vervolgens was er het Carvium Novum natuurreservaat met uitkijkpunt. Dit natuurgebied werd gevormd door de winning van klei. Dit leidde via een stukje verhard pad naar Lobith, waar we even pauzeerden bij een rustpunt “Lief Lobith”. Via een honesty box kan je hier een hele hoop dranken en lekkers kopen. Welgekomen met het warme weer. Lobith zelf was best gezellig.

De hoogtepunten bleven maar komen. Geuzewaard was een stuk natuur dat deed denken aan de Shire uit Lord of the Rings. En dan kwam we aan het laatste plekje voor we onze eindbestemming bereikten. Tolkamer was een vreemde combinatie van een gezellige dorpskern en recreatie op de dijk. En nog verder was er nog wat scheepvaartactiviteit met zelfs een overnachtingshaven. Over een veelzijdige dag gesproken.

De veerboot

Het laatste stuk was nog even ploeteren. Het was opnieuw erg zwaar door de zon, ook al liep het nog een lang stuk op een graspad. Dat veranderde in de laatste rechte lijn naar de veerboot, waar het toch even op asfalt te doen was. De boot kwam meteen aan en bracht ons naar de overkant. Joachim voelde daar de drang naar een klein strandje vlakbij het weer, waar hij wat kon zwemmen en ik wat kon rusten en schrijven.

Millingen

Hierna gingen we naar onze B&B (vernoemd naar Millingen) waar Jenny ons verwelkomende met frisse dranken. Onze zoektocht naar eten was iets minder succesvol. De kookdoom vond het een goed idee om een matige dj matige muziek te laten spelen en het verplichte all you can eat menu was zeer prijzig en met slechts een vegetarisch alternatief. We eindigden uiteindelijk in Grand Café De M’Ooije Waard, een speciale plek met een vriendelijke kok-opdiener waar ik op de tonen van veel ABBA een lekkere schnitzel at.

Ter compensatie gingen we ook nog naar ijssalonketen Clevers waar de Lovely Lemon met fris citroenijs de perfecte afsluiter was van een prachtige maar hete wandeldag. Eentje die zich in de voorlopige top drie van het Pieterpad wist te nestelen.

Meer wandelingen op het Pieterpad vind je hier: https://fromtheseatothelandbeyond.com/het-pieterpad/

Etappe 14: Zelhem – Braamt (17 km)

🥾 Terrein:
Overwegend vlakke etappe door het Achterhoekse landbouwlandschap. Veel asfalt- en landwegen, afgewisseld met enkele aangename bosstroken, een vlonderpad en passages langs water. Technisch eenvoudig, maar door het asfalt kunnen de laatste kilometers zwaarder aanvoelen.

🏞️ Bezienswaardigheden:
• Markt van Zelhem – gezellige startplaats van de etappe
• Heemmuseum Smedekinck – museumhoeve met terras
• “De Kathedraal” – opvallende hoeve met omgebouwde silo
• Kasteel Slangenburg – historische burcht in een groene omgeving
• Oude IJssel – rustige rivierpassage
• Sluis- en stuwcomplex De Pol – met vistrap en snelstromend water
• Religieus geïnspireerde boom – opvallend detail onderweg

Afstand & duur:
± 17 km – ongeveer 4 uur wandelen, exclusief pauzes.

⛰️ Zwaartegraad:
Gemakkelijk tot gemiddeld. Weinig hoogteverschillen en technisch eenvoudige paden. Een slotstuk van enkele kilometers asfalt maakt het wel wat lastiger.

Oordeel: 2,5/5

Een spannende start

Het was de weken voor deze 4de ronde op het Pieterpad best spannend. Mijn zoontje van bijna acht maanden ging van ziekte naar iets kleinere ziekte en ik had er ook best veel last van. Hij wist zijn momenten vaak uit te kiezen. Onze Pieterpad-hindernissenparcours indachtig was ik dan ook wat zenuwachtig. Tegelijk was het ook met een dubbel gevoel. Het was de eerste keer weg van huis, toch voor een langere periode, sinds zijn geboorte. Hierdoor had ik de oorspronkelijke 5 dagen ingekort naar 4. Desondanks keek ik er erg naar uit.

Ik kon vertrekken maar toch waren er enkele obstakels onderweg. De trein van Breda naar Doetinchem reed niet rechtstreeks meer door werken en dus moesten we dit met drie tussenstops oplossen, via ’s Hertogenbosch, Utrecht en Arnhem. Hierdoor moesten we ook een bus later nemen. Na bijna zes uur konden we uiteindelijk starten op de markt van Zelhem.

Hoeves, kathedralen en een kasteel

Na het fijne weerzien met de heks, ging het via de gezellige markt door de straten van het kleine dorpje waar we iets minder dan een jaar eerder een dag vroeger hadden moeten stoppen door stakingen. Niet zo lang na het begin hielden we al halt bij Heemmuseum Smedekinck, waar we een pseudo-hoeveijsje aten. Daarna wandelden we door hoofdzakelijk agrarisch gebied.

Het was niet meteen het meest inspirerende landschap. Hoogtepunt (misschien zelfs letterlijk) was een hoeve met omgebouwde silo, die lokaal de naam “De kathedraal” heeft. De grote hoeven en boerderijen bleven de eerste kilometers domineren. Het eerste echte hoogtepunt (figuurlijk dan) was de Slangenburg, een kasteel die op dat moment helaas niet toegankelijk was door de bijeenkomst van de Neerlandsche Stucgilde. Hier werd nog een mooi stukje bos aan gekoppeld.

Water en asfalt

Na een stuk onder een brug zette het pad zich opnieuw verder door landbouwgebied, met een klein stukje bos en een oud pompstation. Een tweede hoogtepunt kwam er door de Sluis- en Stuwcomplex De Pol, met hiernaast ook een vistrap. De Oude Ijssel stroomde hier en werd hier vergezeld van een beek dat met een indrukwekkende vaart naar beneden stroomde.

Een kort vlonderpad en een religieus geïnspireerde boom later was de wandelingen stilaan in de laatste fase aangekomen. Helaas betrof het nog een lang stuk asfalt van ongeveer vier kilometer. Ondertussen was de zon best onverbiddelijk aan het schijnen, waardoor deze afsluiting enorm pittig werd.

Een avontuurlijk avondeten

Rond half zes, na ongeveer zeventien kilometer en een kleine vier uur wandelen, kwamen we aan in de B&B in Braamt. We hadden deze gevonden via Vrienden op de Fiets. We werend verwelkomd door de gastheer en begonnen met een frisse Hertog Jan in de tuin. We werden vergezeld door Mien, een jonge vrouw uit Tilburg die beeldende therapie studeerde en even vrijaf had genomen. Het Pieterpad was haar eerste langeafstandswandeling.

Vervolgens kwamen er ook nog 4 Nederlands Limburgs die het Pieterpad per twee dagen wandelden. Het waren ook onze eetgezellen. De gastheer kookte. Het voorgerecht was een aardappelgerecht met Gyros, er was een Oosterse kippensoep en het hoofdgerecht was een witloofschotel met rundergehakt. Het was een leuke diner met interessante mensen.

Het gesprek was fijn tot er een klein conflict ontstond tussen een van de gasten en de gastheer. Het onderwerp was eerder vrij pietluttig. De inlichtingen voor het ontbijt werden gevraagd maar de nogal controlerende manier en assertieve toon werden niet echt gesmaakt. Het was een bijzondere ervaring. Ik had wel een koffie besteld en moest dus nog even blijven.

Gelukkig leidde dit nog tot een interessant gesprek met Hans Goossen, journalist bij De Limburger. Met een carrière als onder andere onderzoeksjournalist en politiek verslaggever was dit boeiend, maar bovenal, het was een collega-historicus. Na nog een korte intermezzo in de tuin, besloten we rond tien uur in bed te kruipen en zo de eerste dag af te sluiten. Eind goed, al goed.

Meer wandelingen op het Pieterpad vind je hier: https://fromtheseatothelandbeyond.com/het-pieterpad/

De kastelenroute 4: Dilbeek – Asse

🥾 Terrein

Overwegend verhard en halfverhard, met korte maar soms modderige natuurstroken langs beken en door weiden. Enkele obstakels door natte ondergrond, omgevallen bomen en vlonderpaden. Hoogtemeters zijn beperkt, maar de afwisseling tussen dorp, verkaveling, veldweg en park maakt het een dynamische overgangsetappe met een stedelijk randkarakter.

🏰 Bezienswaardigheden

Wivinaklooster & Wivinapark – Rustige start met zorgnieuwbouw
Wivinakapel – Charmant vertrekpunt van een modderig maar sfeervol beekbos
Kasteel De Verlosser – Eclectisch 19de-eeuws landhuis, vandaag woonzorgcentrum
Kasteel La Motte – Neoclassicistisch kasteel op oude motte
Steenvoordebeek & waterbekken – Natte natuurzone met vlonderpad en drassige passages
Kasteel De Mot – Bescheiden 18de-eeuws kasteel, geïntegreerd in het gemeentehuis
Kasteel Kruikenburg – Middeleeuws waterkasteel, absolute blikvanger
Kasteel Nieuwermolen – 15de-eeuwse waterburcht, zichtbaar vanuit de velden
Kasteel Hoogpoort – Neoclassicistisch kasteel op een hoogte, omgeven door park
Waalborrepark & villa – Cottagevilla uit 1912, geen kasteel maar een waardige afsluiter

⏳ Afstand & duur

Ca. 18 km – ongeveer 4 à 4,5 uur wandelen

⛰️ Zwaartegraad

Licht – Geen technische moeilijkheden, maar modder, obstakels en enkele minder aangename verbindingsstukken vragen wat doorzettingsvermogen

⭐ Oordeel

4/5

Vlaanderen kent heel wat wandelpaden, maar ook een hele hoop hele, halve, grote en kleine kastelen. Op een blauwe maandag leek het mij leuk om een eigen wandelroute uit te werken die langs deze bijzondere gebouwen en plekken gaat. Tussen droom en wandeldaad staan praktische zaken, maar uitstel is geen afstel. Eindelijk kon ik beginnen aan de kastelenroute. De vierde etappe doet de naam van de route alle eer aan, met maar liefst zes vollwaardige en 1 pseudo-kasteel. Minder natuur, maar meer historische architectuur.

Hindernissenparcours

De treinrit zat meteen in wandelthema. De voorlaatste halte, Sint-Agatha-Berchem, deed ik al eerder aan op de Groene Wandeling rond Brussel. En station Groot-Bijgaarden was oorspronkelijk de start van mijn Kasteelroute, tot een treinstaking en wandeldrang mij van plannen deed veranderen en het startpunt aan het waterkasteel van Beersel werd geplaatst.

De etappe zelf begon meteen met een bijzonder parcours in Wivina-thema. Doorheen het Wivinapark, vlak bij het station, ga je langs het voormalige Wivinaklooster met huidige zorgnieuwbouw. Even verder kom je aan de Wivinakapel, de start van een mooi stuk natuur, langs de Steenvoordebeek. Het bos zelf baadde in een mooi ochtendlicht, maar de (gelukkig relatief beperkte) regenval had het pad zelf her en der wel vrij modderig gemaakt. Aan een stuk tobde ik even of ik de houten, smalle plank die er was gelegd zou gebruiken. Maar deze was nogal wankel en dus koos ik voor de korte pijn en een kort ploeteren door de zompige modder. De hindernissen stopten hier echter niet, want even later werd een klein smal padje langs een akker geblokkeerd door een uit te kluiten gewassen boom.

Herbestemming

Na een korte passage over asfalt en een veldweg voerde het pad naar het eerste van de vele kastelen. Kasteel de Verlosser is eclectische landhuis uit de jaren 1880, gebouwd in bak- en zandsteen en later uitgebreid in het interbellum. Het ligt op het hoogste punt van Sint-Ulriks-Kapelle en is vandaag in gebruik als woonzorgcentrum “De Verlosser”. Hoewel het enkel te bezichtigen was vanop een afstand was het best indrukwekkend.

Van daaruit was het maar kort wandelen tot het centrum, met de Sint-Ulrikkerk, en kort daarna een stuk bos dat leidde naar het tweede kasteel op korte tijd. Kasteel La Motte is een U-vormig neoclassicistische kasteel uit 1773, ontworpen door Laurent-Benoît Dewez, ligt op een oude kasteelmotte en is omgeven door een watergracht en een boomrijk park. Sinds de restauratie na 1994 is het kasteel eigendom van de gemeente en in gebruik als cultuurcentrum.

Ternats tweeluik

Na deze passage volgde de kastelenroute een stukje verkaveling om vervolgens uit te komen op het natuurlijk hoogtepunt van deze etappe. Het waterbekken van de Steenvoordbeek zorgt niet alleen voor waterbeheer, maar brengt ook een mooi, ietwat drassig stuk natuur met zich mee. Het meest natte stuk kon worden overwonnen door een vlonderpad. Eens daarover was het af en toe zoeken naar een doorgang door de modder. Het had, opnieuw, erger kunnen zijn had het de dagen daarvoor meer geregend.

Eens onder de spoorwegbrug dook het centrum van Ternat op. Ook hier was een kastelentweeluik voorzien. Het eerste was nog eerder bescheiden. Kasteel De Mot is een voormalig, ooit omgracht kasteel dateert uit 1719 en is vandaag een deel van het gemeentehuis van Ternat. Via de grote markt, waar mensen nog volop kunnen parkeren en de best imposante kerk, leidde de Dreef naar het mooiste kasteel van deze etappe.

Het Kasteel Kruikenburg is een middeleeuws waterkasteel met een U-vormige plattegrond, verbonden met ridder Everaert T’Serclaes en voor het eerst afgebeeld in 1694. Het kasteel behield zijn gotische structuur met torens en poortgebouw, maar kreeg in de 18de eeuw een classicistische aankleding en een heraangelegde ringgracht met landschappelijke accenten. Het omliggende park werd in de 19de en 20ste eeuw verder uitgewerkt en aangepast, onder meer bij de inrichting als schooldomein. 

Het was dan ook de perfecte plek voor een middaglunch, met zicht op het impressionante kasteel. Het park zelf is eerder klein, maar voldoende om even rond te struinen. Na vijf minuten dook de vijver opnieuw op, net als de minder charmante kant van het kasteel. Vervolgens kronkelde het pad zich opnieuw een weg uit het centrum van Ternat, naar de volgende twee kastelen, maar met een iets andere look & feel.

Autostrade en veldweg

Deze omweg via Ternat zorgde er wel voor dat daarna een iets minder aangenaam stuk moest overbrugd worden. Via een woonwijk, waarbij een kapel een bescheiden hoogtepunt vormde, werd een brug over de E40 en vervolgens een stuk vrijwel langs de razende auto’s gevolgd. Het had een vreemdsoortige charme en esthetiek.

Gelukkig werd het algauw weer landelijker en charmanter, met een pad door de velden richting een kapel en daarna naar kasteel Nieuwermolen, een van oorsprong 15de eeuwse waterburcht, die in de verte te bewonderen viel. Kort daarna dook een, opnieuw wat modderig, pad, door de weiden om naar kasteel Hoogpoort te klimmen. Het kasteel ligt op een hoogte in een omhaagd park en werd in zijn huidige neoclassicistische vorm opgetrokken in 1909, met latere uitbreidingen en bepleisterde gevels.

Een groen einde

Het laatste stuk hierna  was nog verrassend mooi, langs de glooiende Brabantse kouters van Asse. Op een van de kleine wegjes had de regen een natuurlijk beekje gemaakt. Even later viel een schoolvoorbeeld van de verpaarding van Vlaanderen te bewonderen. Het allerlaatste stuk daalde met zicht op Asse en via de parking van het sportcentrum naar het park van de Waalborre.

In 1912 liet Karel Alexander de Vis hier een grote villa in cottagestijl bouwen, omgeven door een lusthof met portierswoning, hovenierswoning, moestuin, serres en boomgaard, typisch voor een vroeg-20ste-eeuwse buitenplaats aan de dorpsrand. Geen volwaardig kasteel dus, maar wel speciaal genoeg om als eindpunt te dienen voor deze vierde etappe, vlakbij het station van Asse.

Meer kastelenroute kan je hier vinden: https://fromtheseatothelandbeyond.com/de-kastelenroute/

De beschrijving vind je hier:

En de gpx hier: https://www.wikiloc.com/hiking-trails/kasteelroute-etappe-4-dilbeek-asse-247672781

De kastelenroute 3: Sint-Pieters-Leeuw – Dilbeek

🥾 Terrein
Afwisselend en licht golvend parcours tussen Sint-Pieters-Leeuw en Dilbeek. Eerst vijvers en residentiële zones, daarna veldwegen, modderige paden door natuurgebieden en enkele verharde stukken door woonwijken. Een mix van groen, erfgoed en Vlaamse Rand-architectuur.

🏞️ Bezienswaardigheden
Kasteel van Coloma – Startpunt in een sierlijk park met vijvers
Kasteel Nieuwenhove – 17e-eeuws omgracht landhuis, beperkt zichtbaar
Watertoren van Sint-Pieters-Leeuw – Bijzondere toren uit 1933-34 op een hoogtepunt in het landschap
De Witseboom – Iconische boom uit de tv-reeks Witse
Zeventien Bruggen – Indrukwekkend spoorwegviaduct van meer dan 500 meter lang
Sint-Anna-Pede kerk – 13e-eeuws kerkgebouw, vereeuwigd door Bruegel
Watertoren Chantemerle – Charmante bakstenen toren met houten aanbouw
Brouwerij Timmermans – Oudste lambiekbrouwerij ter wereld
Kasteel Winssinger – 18e-eeuws eclectisch kasteel, grotendeels verscholen
Kasteel de Viron (gemeentehuis) – Neogotisch-eclectisch pronkstuk van Dilbeek
Wolfsputten – 90 hectare natuurgebied met vlonderpad, bossen en open velden

⏳ Afstand & duur
Ca. 16 km – ongeveer 4 uur stappen

⛰️ Zwaartegraad
Licht tot gemiddeld – Enkele korte stijgingen, modderige passages rond Ter Pede, verder vlot en goed bewandelbaar

⭐ Oordeel
4/5

Vlaanderen kent heel wat wandelpaden, maar ook een hele hoop hele, halve, grote en kleine kastelen. Op een blauwe maandag leek het mij leuk om een eigen wandelroute uit te werken die langs deze bijzondere gebouwen en plekken gaat. Tussen droom en wandeldaad staan praktische zaken, maar uitstel is geen afstel. Eindelijk kon ik beginnen aan de kastelenroute. De derde etappe heeft drie kastelen in de aanbieding, waarvan slechts eentje echt te bewonderen is. Maar dit wordt gecompenseerd door mooie natuur, bijzondere gebouwen en het land van Bruegel.

Velden, torens en speciale bomen

Een middellange wandeling tussen Sint-Pieters-Leeuw en Dilbeek klinkt op papier misschien niet zo spannend, maar het was wel de eerste wandeling die ik deed sinds ik vader werd, en bijgevolg de eerste keer dat ik voor langere tijd recreatief uit huis was. Spannend, leuk en af en toe doordrenkt van een klein beetje schuldgevoel, maar gezien de kortere afstand en de nabijheid viel het goed mee.

Deze derde etappe begon aan het kasteel van Coloma, in iets andere weersomstandigheden. Het was wat grauwer, maar gelukkig zou de regen zich beperken tot een beetje gemiezer bij aanvang. Anders dan de vorige keer, waar het begin door wat saaiere landbouwlandschappen ging, was er meteen een mooi stukje langs een vijver. Daarna volgde een residentieel stuk met een passage langs Kasteel Nieuwenhove. Het voormalige Kasteel Nieuwenhove, ook bekend als het Kasteel van Muller, was oorspronkelijk een leen van het Hof van Gaasbeek en gaat terug tot de 11e eeuw. Na verwoesting tijdens de godsdiensttroebelen werd het in 1608 heropgebouwd en bleef het nadien in handen van diverse adellijke families. Vandaag resteert een deels omgracht landhuis in traditionele bak- en zandsteenstijl uit de 17e eeuw, herkenbaar aan de trapgevel en hardstenen omlijstingen. Het is helaas slechts een klein beetje te zien vanaf de straatkant, door de poort.

Even later zie je twee bijzondere elementen. Het eerste is door mensenhanden gemaakt. De watertoren, gebouwd in 1933-1934, ligt op een van de hoogste punten van Sint-Pieters-Leeuw, op 54 meter hoogte. Het tweede is een natuurlijk icoon. Hoewel kaal omwille van de herfst, blijft de Witseboom, bekend van de gelijknamige serie, een herkenbaar zicht ver buiten Zennevallei en Pajottenland.

Het land van Breugel

Na het verlaten van Sint-Pieters-Leeuw, via Vlezenbeek, trok de route Dilbeek binnen. Dit deel is gelinkt aan Bruegel en was enkele jaren geleden nog de plek waar diverse op zijn oeuvre geïnspireerde kunstwerken stonden. Ik passeerde een van deze werken: een windmolen ontworpen uit wapeningsstaal. Vandaag is er nog steeds een Bruegelwandeling met infopanelen over enkele van zijn bekende werken. Maar her en der is meer te zien dan louter namaak, ode of reproductie.

Vooraleer dat te bewonderen was, ging het eerst via een veldweg en het natuurgebied Ter Pede, waarbij het drassige landschap door de voorbije regen best modderig was geworden, naar de Zeventien Bruggen, een opvallende spoorwegviaduct van meer dan 500 meter lang en 18 à 22 meter hoog. Het blijft indrukwekkend om ernaast en eronder te wandelen.

Kort daarna kwam dan de “real deal”: het kerkje van Sint-Anna-Pede. Oorspronkelijk gebouwd in de 13de eeuw en in de 16de eeuw door Bruegel, toen nog als Sint-Annakapel, vereeuwigd in De parabel der blinden, is het een charmante plek. Nog los van de cultuurhistorische waarde is het de moeite om even te passeren. Wie dat wil, kan terecht in een van de kleine cafétjes of brasseries in de buurt.

Een indrukwekkend gemeentehuis

Na een iets minder inspirerend stuk langs asfaltbanen en assistentiewoningen was er even verder weer iets opvallends. Het voormalige domein Chantemerle, aangelegd rond 1900 op het terrein tussen de Kerkstraat en de Itterbeeksebaan, bestond uit een herenhuis met park en diverse dienstgebouwen. Daar is niet meer veel van te zien, maar gelukkig staat er nog een bijzondere bakstenen watertoren met houten aanbouw. Kort daarna passeerde de route ook nog brouwerij Timmermans, ’s werelds oudste lambiekbrouwerij.

Na de grotere Sint-Pieterskerk van Itterbeek, gelegen aan een gezellig pleintje, kwam het volgende kasteel: kasteel Winssinger. Opnieuw was het helaas niet zichtbaar. Het voormalige 18de-eeuwse kasteeldomein van Itterbeek, gelegen aan de Ninoofsesteenweg, werd na een brand in 1789 heropgebouwd en kreeg zijn huidige eclectische uitzicht eind 19de eeuw onder Léopold Winssinger. Van het domein bleven het kasteel, de hoeve met koetshuis en duiventorentje, en enkele bijgebouwen bewaard.

Na een minder charmante passage langs appartementsgebouwen en de Ninoofsesteenweg volgde het hoogtepunt van de dag. Via de hoofdstraten van Dilbeek en de Sint-Ambrosiuskerk doemde het kasteelpark van Dilbeek op, met de Sint-Alenatoren aan een vijver en Kasteel de Viron, vandaag het gemeentehuis, op een groene heuvel. Het neogotisch-eclectische Kasteel de Viron, gebouwd in 1862 naar ontwerp van Jean-Pierre Cluysenaar, werd opgetrokken op de plaats van een vroegere waterburcht.

Natuurervaringen waar Vlamingen thuis zijn

Meteen hierna ging het kort maar stevig omhoog naar het Sint-Alenapark, eerder een volwaardig bos dan een verzameling gras met her en der een boom. Het werd duidelijk dat ondanks het mindere weer heel wat gezinnen van beide groene plekken genoten. De natuurpracht werd even onderbroken door een ander architecturaal bekend stuk Dilbeek: CC De Westrand. Dit cultuurcentrum heeft niet alleen een goede regionale reputatie, het is ook de plek waar de befaamde slogan “Dilbeek, waar Vlamingen thuis zijn” te vinden is.

Na dit intermezzo, eigen aan de Vlaamse Rand, eindigde deze derde etappe met een prachtig natuurlijk hoogtepunt. De Wolfsputten vormen een natuurgebied van 90 hectare, even gevarieerd als uitgestrekt. Kort na de start was het aangenaam wandelen op het uit de kluiten gewassen vlonderpad. De stukken bos werden afgewisseld met open velden met mooie vergezichten. Ideaal voor een kleine tussenpauze.

De Wolfsputten werden verlaten met zicht op een vijver. Het contrast met de drukke Dansaertlaan kon nauwelijks groter zijn. Niet veel later arriveerde ik aan het station van Dilbeek, een kleine 16 kilometer nadat ik in het park van Coloma was begonnen. Hoewel twee van de drie kastelen wat hadden teleurgesteld door hun onzichtbaarheid, viel er heel wat moois te ontdekken: van Bruegeltaferelen tot een gemeentehuis om jaloers op te zijn, en van beekjes en vijvers tot een heus natuurgebied. Erg de moeite!

Meer kastelenroute kan je hier vinden: https://fromtheseatothelandbeyond.com/de-kastelenroute/

De beschrijving vind je hier:

En de gpx hier: https://www.wikiloc.com/hiking-trails/kastelenroute-etappe-3-sint-pieters-leeuw-dilbeek-240506996

GR5A.5 Flobecq – Ronse (18,0 km)

🥾 Terrein

Afwisselende etappe van Waals platteland naar Vlaamse Ardennen, met vier grote bosdoortochten (Brakelbos, Pottelberg, Sint-Pietersbos, Muziekbos), rustige landbouwwegen, korte passages door dorpen en enkele pittige klimmetjes naar getuigenheuvels. Afwisseling tussen grind, asfalt, bos- en graspaden.

🏞️ Bezienswaardigheden

Brakelbos – Sfeervol bos met beekjes, vlonderpaden en mooie lichtinval
La Houppe & Hoppeberg – Gezellige ontmoetingsplek voor wandelaars en fietsers
Pottelberg – Bosrijke heuvel met holle wegen en eerste vergezichten
Sint-Pietersbos – Rustige groene parel met houten wandelpad
Muziekbos & Muziekberg – Kruispunt van GR’s, bekend om zijn uitzicht en sfeer
Geuzentoren – 19e-eeuwse folly, plus grafheuvel uit de Bronstijd
Ronse – Historisch centrum met Hoge Mote en indrukwekkende basiliek

⏳ Afstand & duur

± 21 km – Circa 5,5 uur inclusief pauzes

⛰️ Zwaartegraad

Gemiddeld – Enkele pittige klimmetjes, maar voldoende vlakke stukken voor herstel

⭐ Oordeel 4,5/5

Ons land kent heel wat GR’s. En blijkbaar kunnen we zelfs claimen de langste luswandeling van Europa op ons grondgebied te hebben. De GR5 A (de link met de GR5 is mij een raadsel) is ook gekend als de wandelronde van Vlaanderen en wandelt de grens van Oost- en West-Vlaanderen af, goed voor 582 km wandelplezier. Na een onverklaarbaar lange periode vond ik de gelegenheid (of de intentie) om een vervolg te breiden aan deze tocht. En die bracht mij naar de bossen en de getuigenheuvels van de Vlaamse Ardennen.

Een mooie start

De weg naar Flobecq begon al opvallend mooi. We reden tussen Lessines en Ath onder een bomenrij die bijna kon concurreren met de befaamde Dark Hedges in Noord-Ierland, maar dan wel in een variant op het Waalse platteland. Na een lang stuk door het veranderende landschap moesten we ons op een iets minder aangename weg meanderen langs bochten en wielertoeristen die met wisselend succes de steiltegraad probeerden te temmen.

Vanop de parking is het meteen een gravelpad in dat op en neer gaat tussen de koetjes en de kalfjes, die gelukkig achter een draad staan. Er waren ook veel gewone wielertoeristen en her en der ruiters te paard. Ik was dus zeker niet alleen toen ik het Brakelbos inging, het eerste van vier volwaardige bossen die deze vijfde etappe te beiden heeft.

Druk in het bos

Na een stuk asfalt moet een bospadje niet links gelaten worden maar wel worden genomen om het bos in te gaan.  Aan de ingang stond een groep ruiters verzameld, waarvan een van de paarden plots een nerveuze beweging maakte. Gelukkig was ik er al even gepasseerd. Het Brakelbos zelf is een erg leuk bos, met enkele beekjes en korte stukken vlonderpaden. Aan een van de beekjes staat een mooie boom met een strategisch geplaatst bankje. Even verder leert een wegwijzer mij dat het nog 180 kilometer is tot aan De Panne.

Op dit uur van de dag was de lichtinval in het bos prachtig. Ook de rust viel heel vaak goed mee. Tot de rust even verstoord werd door een tweespan, en niet veel later een stel dolle honden die richting de paarden blaffen. Wat verder komt de GR langs het kleine gehuchtje La Houppe, waar twee brasseries zorgen voor een verzamelplaats van wandelaars, fietsers, ruiters en motards. Voor mij was het echter te vroeg om al de dorst te lessen. Ik ging rechtdoor tot op de feitelijke Hoppeberg (148 meter).

Van ”berg” naar “berg”

Nog hoger was het op de Pottelberg (159 meter), met ook een gelijknamig bos, en aan de ingang een brasserie, sportvelden en een zendmast. Ook dit was opnieuw een mooi bos, met een holle weg en bomen die een erehaag vormden. Eens uit het bos kwamen de eerste vergezichten. De GR zelf volgde wel een asfaltweg langs eclectische huizen en even later een veldweg parallel met de baan. Een klein stukje volgt de weg zelf, maar dat was gelukkig maar kort.

Daarna volgde een klein stukje bos, dat duidelijk overstromingsgevoelig is, maar gelukkig met het weer geen probleem vormde. Er volgde opnieuw een stukje langs huizen en daarna een landbouwweg in. In een nieuwe bescheiden passage door een bos, dook plots een trap op, gelegen op een stuk dat niet op de Atlas (der buurtwegen?) stond en waarbij de gemeente Ellezelles zich onttrok van alle verantwoordelijkheid. Bijzonder. Gelukkig kwam ik er ongeschonden uit en na een kilometer tussen de akkers en weiden en het oversteken van een drukke steenweg was het gedaan met de onaangename paden. Au revoir Pays des Collines, hallo Vlaamse Ardennen.

A lunch with a view

De asfaltweg hier ging al meer op en neer, met glooiingen rondom. Een smal pad ging richting het Sint-Pietersbos. Het naderde op dat moment al 13 uur en het was al even zoeken naar een bank of andere geschikte lunchplek. Gelukkig botste ik vlakbij de ingang op een ligbank met prachtig zicht. Het Sint-Pietersbos zelf was een leuk voorsmaakje op het laatste bos van de dag. Het viel op dat er meer en meer wandelaars onderweg waren. Na een breed stuk gras, ging de GR langs een prachtige rij bomen en vervolgens kriskras door het bos. Hoogtepunt hier was een leuk houten pad waar sommige planken wel wat meegaven. Van daaruit was het gestaag klimmen naar de Muziekberg (145 meter)

Folly’s en wandelgekte

Nu was het echt het Muziekbos in, het vierde bos van de dag al, maar ook het laatste. Hier kwamen verschillende GR’s samen, met op de kruising ook nog de GR 129 Dwars door België en de StreekGR Vlaamse Ardennen. De stilte werd even verstoord door de plotse muziek en het gepraat en gekletter van brasserie Boekzitting. Hierna was ik even de weg kwijt. Het hielp niet dat een groep met een hond zelf overal naar toe draalden. Maar het bleek dat ik 1 pad te links was ingeslagen en na de rechtzetting kwam ik dan toch aan op de Muziekberg.

Een tweehonderd meter verder nam ik een sidetrack naar de Geuzentoren, een folly uit de 19de eeuw. Op de top van de toren kregen de Vlaamse Ardennen ook hun naam, door de dichter Pol De Mont die verwonderd was over het uitzicht. Ietsje verder ligt er ook nog een grafheuvel uit het Bronzen tijdperk. De mini-omweg meer dan waard! Het laatste stuk van het Muziekbos was ik plots alleen en kon ik nog genieten voor ik definitief het open terrein indook.

Richting Ronse

De Vlaamse Ardennen waren nu zichtbaar, met in de verte ook al de basiliek van Ronse. Hier neemt de GR een pad langs een spoorwegberm en zo een fietspad waar industrieel erfgoed zorgt voor een lokale toets. Het eindigt in het centrum van Ronse, met historisch erfgoed. De Hoge Mote is een voorsmaakje voor de indrukwekkende basiliek, dat deze titel pas ontving in 2019. Een mooi slot voor een etappe langs getuigenheuvels en bossen.

Meer wandelingen op de GR5A vind je hier: https://fromtheseatothelandbeyond.com/gr-5a-wandelronde-van-vlaanderen/

Groene wandeling 4: Sint-Agatha-Berchem – Vorst (17,8 km)

🥾 Terrein

De stedelijke context ontmoet het randstedelijk groen. Een wandeling van contrasten: tussen stationswijken, tuinwijken, industrie, natuurreservaten en het Pajottenland. Afwisselend pad: grind, kasseien, asfalt, gras, en bospaadjes. Tamelijk vlak, met enkele lichte glooiingen.

🏞️ Bezienswaardigheden

Zavelenberg – Groen stiltegebied pal naast het station
Kattebroek – Rustige, natuurlijke enclave tussen woonwijken
Tuinwijk Moortebeek – Coöperatieve wijk met kleurrijke, karaktervolle huizen
Tuinwijk Goede Lucht – Minder charmant, maar boeiende straatnamen
Luizenmolen – Replica van de 19e-eeuwse windmolen
Neerpede – Anderlechts opleidingscomplex + vijver met lunchplek
Ketelhoeve – Inspirerend duurzaam voedseproject
Vogelzangpark & -beek – Rustig park met vijvers, bankjes, natuur en collectief groen
Natuurreservaat Vogelzangbeek – Ongetemde natuur met netels
Kanaal Brussel-Charleroi – Bekend zicht, met terras en sluizencomplex
Zenne & Industrielaan – Ruwe industriële afsluiter voor terugkeer naar Vorst

⏳ Afstand & duur

± 20 km – Circa 4 à 5 uur inclusief pauzes en omleidingen

⛰️ Zwaartegraad

Licht – Weinig hoogteverschillen, wel af en toe stukken asfalt

⭐ Oordeel 3,5/5

Onze hoofdstad wordt vaak nogal meewarig bekeken en komt niet altijd even goed in het nieuws. Na het temmen van de streekGR Groene Gordel rond Brussel leek het mij dan ook leuk om de Groene wandeling door Brussel af te wandelen. Meer info kan je alvast hier vinden. Het laatste deel van vier etappes vertrekt in Sint-Agatha-Berchem om de luswandeling te vervolledigen in Vorst, aan het station Vorst-Zuid.

Gespreid groen

Van het drukke station Sint-Agatha-Berchem, waarbij de lege lachgasflessen en de wat vreemd ogende sujetten opvielen, ging het al snel langs de groene, omheinde weide van de Zavelenberg. Kort daarna ging het naar een nette woonwijk en niet veel later een iets minder aangename drukke weg. De oude stationswinkel was omgetoverd tot een “vape shop & more”, een teken van de tijd.

Na de drukke baan voerde een kort grindpad langs een droge Molenbeek, middenin een woonwijk en zo naar Kattebroek, een groen gebied met weilanden, rietvelden en bosjes. Daarna passeerde de Groene Wandeling aan een van de vele volkstuintjes die onderweg te bewonderen zijn, de volkstuinen van de Oude Pereboom, aangelegd in 2010. Tussen twee begraafplaatsen door, deze van Koekelberg en Sint-Agatha-Berchem, ging het het Wilderbos in. Na opnieuw een woonwijk volgde al snel het Scheutpark, een grindpad met wat groen en zicht op woontorens, een constant beeld op deze luswandeling.

Van wijk naar wijk

In het volgende deel bleef de bebouwing ook nooit ver weg. De Groene Wandeling klom omhoog en zo naar rechts, langs een bomenlaan. Vervolgens deed het de tuinwijk Moortebeek aan. Deze wijk werd in 1921 aangelegd vanuit een coöperatieve en heeft herkenbare huizen in licht crèmegeel en oranjerood. Erg de moeite! De verscheidenheid aan architectuur zette zich door, met appartementen in verschillende stijlen, van zielloze, verouderde woontorens tot pogingen tot aangename, modernere architectuur.

Nog een wat zielloos intermezzo kwam er aan Westland Shopping Center. Daarna kwam de tweede tuinwijk, Goede Lucht, van dezelfde coöperatieve als deze van Moortebeek. Hoewel de wijk minder aansprak, onder andere door de werken aan de straat die hierdoor open lag, vielen de straatnamen op, met Geestdriftstraat als opvallendste. Helaas stond het een beetje in contrast met de huizen zelf. Eens uit deze wijk begon een nieuw stuk.

Brussels Pajottenland

Want hier kwamen we in het Brussels Pajottenland, met kasseiwegen en glooiingen en in de verte de Luizenmolen, oorspronkelijk uit 1864, maar vandaag is de kopie uit 1996 te zien. Een omleiding zorgde voor wat onverwachte extra kilometers, die leidde naar de ingang van Neerpede, het opleidingscentrum van Anderlecht. Iets later, aan de plaatselijke vijver, was het ideaal om te lunchen. Hier raakte ik even aan de praat met een uithijgende man die me vroeg hoeveel meter ik dacht dat het tot de volgende bank was. Mijn gok (40 meter) was best ok (het was 36 meter volgens zijn compagnon). Het bleek te zijn zodat hij wist hoeveel hij naar de bank daarna moest overbruggen, want toen ik vertrok zat het tweetal daar.

Ik passeerde even later aan de Ketelhoeve, een project waarbij 4 vzw’s een plaatselijke hoeve uitbaten in het kader van circulariteit en duurzame voedseltransitie. Het zag er gezellig en inspirerend uit. Maar ik moest mijn tocht doorzetten en wandelde onversaagd langs de fermettes en villa’s die wel heel herkenbaar aandeden. Hier sijpelt de Vlaamse Rand Brussel binnen. Na een kapel en een schijnbaar gevaarlijk golfterrein, dat ik ongeschonden passeerde, moest ik langs de gigantische site van het Erasmusziekenhuis en het instituut Jules Bordet. En daarna was het weer groen op de Groene Wandeling.

Park en natuurreservaat

Via een zijweg onder de bomen ging het langs de Vogelzangbeek en zo naar het gezellige Vogelzangpark, met vijvers en een hele hoop bankjes en rustplekken. Ook hier zijn de hoge appartementsgebouwen aanwezig, maar ook heel wat collectief groen. Een rood-wit lint gaf opnieuw een omleiding aan en dus moest ik een tweehonderd meter extra doen en zo via een tweede vijver naar een kasseiweg.

Daarna volgde nog een laatste groene hoogtepunt met het natuurreservaat van de Vogelzangbeek, een stukje onversneden natuur, waarbij het ietsje meer ruimte kreeg om te woekeren en ik zo her en der (onsuccesvol) netels moest omzeilen. Plotseling botste ik op een gekende plek, de Bergensesteenweg, de Ikea links van mij, het bord van shopping Pajot rechts van mij, een ware mindfuck. En eens de drukke baan overgestoken was ik weer in het groen, met zicht op de koeltoren van Drogenbos. Het einde was in zicht.

Kanaal en industrie

Dat laatste stuk was langs een ander gekend ijkpunt, het kanaal Brussel-Charleroi, dat ik quasi elke dag op de een of andere manier passeer in Halle. Dit was blijkbaar de linkeroever van de Haven van Brussel, waar mensen waren verzameld op het terras van Le Cercle de Régats. De overkant was te bereiken via de sluis van Anderlecht. En in lijn van de wandeling van vandaag, was er nog een laatste omleiding.

Deze leidde vooral naar industrie, met heel even een glimp op de Zenne. En na de industrie volgde de Industrielaan een druk weg met garages, bedrijven en het Brusselse Center for Food Expertise. Na een kleine doortocht door Vlaams-Brabant, meerbepaald Drogenbos, wandelde ik terug, Brussel in, namelijk naar Vorst en bevond ik mij op eindplek, die ongeveer anderhalf jaar geleden de startplek was van mijn rondtocht door Brussel, het station van Vorst-Zuid

De eindconclusie

De Groene Wandeling doet wat het moet doen, je met andere ogen naar Brussel doen kijken. En toch ook weer niet helemaal. Want in elke etappe had je wel de dualiteit, voor elke verrassing werd een stereotype gedachte over de hoofdstad bevestigd. Maar het was een boeiende toch van iets meer dan 57 kilometer, in vier etappes, langs parken en bossen, wijken en buildings, rivieren, kanalen, beekjes en vijvers en vooral boeiende architectuur en geschiedenis. Een aanrader voor wie graag vlot bereikbare en korter etappes zoekt en zo ook eens Brussel met de ogen van een wandelaar wil zien.

Wil je nog meer wandelingen op de Groene Wandeling? Deze kan je hier vinden: https://fromtheseatothelandbeyond.com/groene-wandeling-brussel/

Etappe 13: Vorden – Zelhem (17 km)

🥾 Terrein:
Een kortere etappe van ongeveer 17 kilometer, licht glooiend en met een mix van zandwegen, bospaden en wat asfalt. De natte bodem zorgde her en der voor plassen en modder, maar de route bleef goed begaanbaar. Opvallend weinig zitgelegenheid onderweg, wat op termijn wel wat begon te wegen.

🏞️ Bezienswaardigheden:

  • Kasteel Vorden – niet toegankelijk wegens antiekmarkt, maar nog steeds een mooie start
  • Boomkathedraal & veenbeek – natuurlijke poëzie aan het begin van de route
  • Windmolen in Linde – draaiend, met rustpunt; klassiek Hollands intermezzo
  • Huis ’t Zelle – fraai landgoed met oprijlaan en zevensprong
  • Vingerhoedjesbos – lunch op een boomstam tussen bloeiende vingerhoedskruid, Droomvluchtwaardig
  • Zelhem & Café De Smoks – symbolisch einde met een heksentwist en een goed glas

Afstand & duur:
17 km – een mediumlange etappe. Voorzie 4 tot 5 uur effectief wandelen, lunch- en danspauzes niet meegerekend

⛰️ Zwaartegraad:
Licht tot matig – qua afstand goed te doen, maar gebrek aan rustplekken en lichte modder maakten het net iets uitdagender dan verwacht

Oordeel: 4/5

Na de dubbele etappe was er nu een kortere voorzien van ongeveer 17 kilometer. Dag vroeg om een goed maar wat meer ingetogen ontbijt in het bijzonder en wat ouderwets stijlvol interieur van hotel Bakker. Het was blijkbaar ook de vergaderzaal van de Rotary van Vorden. We konden dus wat meer onze tijd nemen en omstreeks kwart voor 10 checkten we uit voor etappe 4. We waren nu ook officieel begonnen aan het tweede deel van LAW 9, het Pieterpad, en dus met de tweede wandelgids.

Kastelen, molens en boomkathedralen

De wandeldag begon al meteen met een mooie rondgang lang het kasteel van Vorden. Hier was een curiosa en antiek fair in de kasteeltuin dus we konden er niet te dicht bijkomen. Maar het uitzicht was zelfs vanop een afstand best de moeite. Niet veel verder vormde een rij bomen een kathedraal en lag een veenbeek vrij uitgedroogd maar geurig te kabbelen.

Een volgend hoogtepunt was te vinden in Linde, waar een windmolen trots aan het draaien was, naast een rustpunt. Meteen erna doken we een weide in en vervolgens zo een leuk bos in, waar de sporen van de regen van de voorbije periode zichtbaar werd in plassen en her en der wat modder. Maar gelukkig niets om van uit te glijden.

In de verte zagen we Huis ’t Zelle, statig met een laan aan een zevensprong. En iets later passeerden we aan een recreatieterrein in Varssel, maar het kwam net iets te vroeg om te pauzeren voor een lunch en dus was het eerder een kleine zitpauze en voor de liefhebber de mogelijkheid om wat speeltuintuigen uit te proberen.

Een bom in een bos

En dan wandelden we enkele kilometers door een nog aangenamer bos. Onkarakteristiek voor het Pieterpad was er weinig zitgelegenheid, wat ons parten begon te spelen gezien het uur. Hierdoor werden we gedwongen te lunchen op een omgevallen boomstam, vlakbij een boom met vingerhoedjes. Een tafereel dat zo uit de Droomvlucht leek te komen.

En dan kwam de Pieterpad-vloek weer naar boven. Bij het opzoeken naar de busuren kregen we het bericht dat door de stakingen in andere delen van het land onze trein van de dag erna opnieuw niet zou rijden. Hierdoor moesten we opnieuw improviseren. De bus van Braamt naar Ommen leek weinig praktisch om te nemen, zeker met een wandeling en nog een autorit naar huis voor de boeg. En dus besloten we om, helaas, onze laatste wandeldag te annuleren en al vroeger opnieuw naar Ommen te gaan.

Heksen in de Achterhoek

Onze weemoed drukten we geheel willekeurig weg met een dans in het bos op de tonen van Vaya Con Dios. Gelukkig was er niemand in de buurt. Hierna was het nog een goede 5,5 kilometer, waarna we nog een laatste stuk in het bos en vervolgens via zand- en asfaltwegen naar Oosterwijk en niet veel later het centrum van Zelhem aflegden.

Hier dronken we nog een laatste keer iets, in Café De Smoks, genoemd naar een plaatselijke heks. Er was van hieruit een bus naar Doetinchem (shout out naar Stadshotel de Graafschap die onze overnachting onverwacht kosteloos annuleerde door omstandigheden) en de trein richting Ommen. Het was een beetje van een nostalgietrip met een verblijf in Hotel de Zon en pizza in restaurant Felice, net als vorig jaar. Gewoontedieren…

Einde #3

En daarmee zat onze derde toch op het Pieterpad er onverwacht een dag eerder op. Het was wel opnieuw een topervaring. Het weer was iets minder goed, maar dat gaf sommige stukken iets memorabel. Er was mooie natuur, met Nederlandse bergen, waterlopen en kanalen, kastelen, landhuizen en windmolens. Maar vooral weer veel ruimte voor goede gesprekken en leuke ontmoetingen.

Meer wandelingen op het Pieterpad vind je hier: https://fromtheseatothelandbeyond.com/het-pieterpad/

Etappe 12: Holten – Vorden (29 km)

🥾 Terrein: afwisseling van asfaltwegen, onverharde landbouwwegen, bospaden; grotendeels vlak

🏰 Bezienswaardigheden:

  • Huis Verwolde (1776)
  • De Dikke Boom (oudste/dikste eik van Nederland)
  • Villa De Binnenhof (voormalige pastorie)
  • Kasteel Enzerinck (1826)
  • Landhuis het Bramel
  • Herdenkingsplek familie Van de Borch van Verwolde

🗺️ Afstand : ±29 km in totaal (Holten – Laren – Vorden), goed voor een volle wandeldag

⛰️ Zwaartegraad: gemiddeld tot pittig (door de lengte en het weer)

Oordeel: 3/5

Ontbijten met actua

Vandaag combineerden we volgens de officiële route 2 etappes omdat deze respectievelijk 15 kilometer en 13,5 kilometer zijn en het ons jammer leek om 3 kortere dagen te hebben. We hadden de Sallandse Heuvelrug nu zo goed als achter ons gelaten en doken een nieuw stukje Nederland in, de Achterhoek. Er waren geen “bergjes” meer, maar lange wegen langs boerderijen, hoeves en nog beter, landhuizen en kastelen.

We begonnen al om 7u30 aan ons ontbijt, geserveerd door de Dorothée, waarbij we ook de Nederlandse actualiteit, zoals de stakingsaanzeggingen bij het spoor, de pensioenhervorming en de aantrekkingskracht van Geert Wilders, overliepen. Het was smakelijk en vulde goed. Zo stonden we klaar voor de trein van 9u00, die ons naar Holten bracht. De eerste sub-etappe ging van Holten tot Laren.

Kletsnat

De weersvoorspelling was zeer verraderlijk en al snel bleek dat het wisselvallig zou worden. Het eerste stuk langs onverharde landbouwwegen viel mee, maar op een asfaltbaan met brug en vervolgens halvelings tussen de bomen begon het stevig te regenen, het soort slagregen dat je binnen de minuut kletsnat maakte.

De bomen langs het Schipbeek zorgden soms voor beschutting en soms voor extra druppels, vooral bij een windvlaag. Even verder was er gelukkig een rustpunt, waarbij een bushokje was voorzien van een kerkbankje en in de kiosk in de buurt kon je koffie krijgen, ideaal om even op adem te komen en wat droger te worden.

De dikste boom van Nederland

Hierna volgde een stuk door het bos, waarna de eerste keer een kasteel werd gespot, namelijk huis Verwolde, in deze vorm gebouwd in 1776, waar een vrouw in 18de eeuwse kledij met een hond kwam voorbij gewandeld, waardoor we even gedesoriënteerd waren over een eventuele tijdreis. Verder stond er ook een heel mooi gekerfde uil.

Iets verder namen we een korte zij-uitstap naar de zogenaamde Dikke Boom, een naam die niet echt gestolen is. Maar de eik van een goede 500 jaar heeft wel zijn beste tijd gekend en ziet er toch een beetje uit alsof hij stilaan aan het sterven is. In ieder geval, het is wel de dikste boom van Nederland en in die hoedanigheid wel een leuke must om tijd voor te maken.

Nog voor we Laren binnenwandelde, kwamen we langs een 18de eeuwse pastorie, in de 19de eeuw omgevormd tot een villa genaamd De Binnenhof. Het was ietsje minder spectaculair dan huis Verwolde, maar wel een leuk ijkpunt aan het einde van onze eerste sub-etappe. Kort daarna arriveerden we namelijk in Laren, waar we aten aan de Kerk en leerden over een telg van de adellijke familie Van de Borch van Verwolde, die als verzetsman bij de slachtoffers van de tweede wereldoorlog werd vermeld.

Gevaarlijke toestanden

Na deze tussenstop begonnen we aan het tweede subdeel, de 13,5 kilometer tussen Laren en Vorden. Dit ging via asfaltwegen naar Groot Dochteren en zo naar het kanaal van Twente. Het weer viel mee, maar er was een andere dreiging op komst. Kort na het kanaal was er een plotse, hardnekkige aanwezigheid van een potentiële nummer 2, vermoedelijk een effect van de all you can eat tapas van de dag ervoor.

Een rustpunt leek even redding te brengen, maar hier was geen toilet te bespeuren. Het begon er dus steeds minder goed uit te zien. Het begon dan ook waarschijnlijker te worden dat ik over de gracht moest gaan en mij even subtiel aan de kant moest zetten, tot er een bevrijdend bordje stond dat de belofte van een theehuis met zich meebracht. En zo geschiedde. Het Theepad kwam als geroepen.

De eindmeet

Na nog een stuk bos en een klein stukje weide, ging het via een laantje en een vijver naar het derde kasteel, namelijk het Enzerinck, een buitenplaats uit 1826 in neoclassicistische stijl. Daarna was er nog, last but not least, landhuis het Bramel. En dan was het goed voor vandaag. We strompelden na 1,7 kilometer naar station Holten en een goede 29 kilometer tussen Holten en Vorden dat laatste dorpje binnen. Het was best een gezellig plekje met een leuke tuinkamer in hotel De Bakker. Zo waren we best al goed gevorderd in de Achterhoek. En klaar voor opnieuw een buffet, maar dit keer Chinees.

Meer wandelingen op het Pieterpad vind je hier: https://fromtheseatothelandbeyond.com/het-pieterpad/

Etappe 11: Hellendoorn – Holten (15 km)

🥾 Terrein: Afwisselend bos, heide en goed begaanbare zandpaden, met enkele verharde stukken. Overwegend vlak met licht glooiend reliëf op de Hellendoornse Berg en Holterberg.

🏰 Bezienswaardigheden:

  • Werkkamp Twilhaar (herdenkingssite WOII)
  • Schaapskooi Twilhaar met infopunt
  • Stoetselenveld (uitgestrekte heide)
  • Holterberg (58 m) met uitzichtpunt en schuilhut
  • Informatieve geschiedenis-kubussen richting Holten

🗺️ Afstand & duur: ±15 km – halve wandeldag (inclusief regenpauzes)

⛰️ Zwaartegraad: Licht tot gemiddeld – toegankelijk terrein, kortere afstand, enkele hellingen

Oordeel: 3,5/5

Vandaag was het een kortere dag van een goede 15 kilometer, naar de Sallandse Heuvelrug, maar vooraf was er wel veel regen voorspeld. Een groot deel ging, op papier toch, gelukkig langs en door bossen en dus was er goede hoop dat het zou meevallen met de grootste natheid. Aan de start bleek dat we al 195 kilometer hadden afgelegd en nog een goede 306 kilometer tot eindpunt Sint-Pietersberg voor de kiezen hadden.

Een werkkamp en schaapskooi

Tijdens het eerste stuk bos, op de Hellendoornse berg, na een stuk verharde pad, kwamen we aan het werkkamp Twilhaar. Dit was aanvankelijk een werkkamp voor werklozen en daklozen, maar werd tijdens de oorlog al snel omgevormd tot een werkkamp en later transit voor Joden. Vandaag is er een herdenkingsplaat en een infobord.

Een hele andere vibe was er even verder, aan de schapenstal van Twilhaar. De schaapskooi werd in 1973 gebouwd voor het onderhoud van de heide van de Haarleberg, maar omdat de plaatselijke korhoenpopulatie hierdoor verdween, werd de schapenkudde en het onderhoud afgevoerd. In de schaapskooi zitten vandaag nog wel wat blatende vrienden, en er was vlak erbij ook een infopunt waar je iets kon drinken en eten tegen zeer democratische prijzen.

Door heide en naar de Holterberg

Na het volgende stuk bos, het Nijverdalse spoorbos, was het volgende hoogtepunt het Stoetselenveld, een uitgebreid stuk heidegebied. Hoewel het niet in zijn paarse glorie stond, was het toch zeker de moeite waard, zelfs ondanks de soms wat onheilspellende grijze wolken. Via de Helledoornseweg, een oude doorgaande handelsweg, ging het naar het hoogste punt van vandaag.

Ook op de Holterberg (58 meter hoog) was het uitzicht mooi. En nog beter, hier stond ook een grote schuilhut waardoor het lunchen ondanks de tweede regenbui van de dag toch droog en zittend kon plaatsvinden. Zelfs tijdens een korte wandeldag is dat toch een absolute meerwaarde om de goede moed erin te houden.

Opnieuw in Holten

En na nog een stuk heide ging het in rechte en dalende lijn naar Holten, door een mooi en goed begaanbaar bospad. Na ongeveer anderhalve kilometer kwamen we aan op de kruising tussen het Marskramerpad en het Pieterpad, waar ik bijna tien maand eerder mijn stukje op de eerste wandelroute had geëindigd.

Daarna wandelden we richting onze eindbestemming, waar om de zoveel tijd een kubus stond die je kon draaien en waar je regionale en globale geschiedenisfeiten per jaar kon lezen. In Holten zelf moesten we de trein nemen, dus konden we nog op het gemak iets drinken in Het Klavertje, waar mijn reisgezel en ik een potje Lost Cities speelden.

Vrienden op de fiets

In Holten zelf was de accommodatie niet echt op maat en dus namen we de trein naar Rijssen. Ook hier was ik vorig jaar op het Marskramerpad geweest. Hier maakten we gebruik van het principe van Vrienden op de Fiets, waar je met een lidkaart van 10 euro (voor Belgen) en een bedrag van 25 euro per persoon bij iemand thuis kunt overnachten, inclusief ontbijt.

Ik had al een licht voorgevoel dat er misschien iets was verkeerd gelopen en bij aankomst bleek dat er toch een klein beetje iets mis was met de boeking, maar er was gelukkig ook een afzegging en zo konden we toch verblijven in het gezellige huisje bij de sympathieke gastvrouw Dorothée. Eten deden we in de Buena Vista, een tapasbar met een all you can eat-concept. Een goede formule, zo bleek, maar ook erg verraderlijk.

Meer wandelingen op het Pieterpad vind je hier: https://fromtheseatothelandbeyond.com/het-pieterpad/