GR 120 dag 5: Hardelot-sur-Plage – Étaples

🥾 Terrein: Strand, duinen, bos en (helaas) ook langere stukken langs en op drukke wegen. Enkele pittige klimmetjes in de duinen en het bos.

🏰 Bezienswaardigheden:

  • Verweerde bunkers aan het strand
  • Duinreservaat tussen Saint-Cécile-Plage en Camiers
  • Baie de Canche met uitzichtpunt
  • Everzwijnmoment in het bos
  • Eindpunt Étaples met festivalvoorbereidingen

🗺️ Afstand & duur: ca. 20 km – dagetappe met afwisseling tussen strand en dijk

⛰️ Zwaartegraad: Gemiddeld – weinig technische passages, wel zwaarder door strandzand, wind, en onaangename verkeerswegen

⭐ Oordeel: 4/5

Duinsurfen

Onze laatste wandeling beloofde nog wat moois en werd uiteindelijk een best of. Het begon zoals zo vaak op de dijk en nog meer zoals gebruikelijk ging het vervolgens verder op het strand, met de zee ver weggetrokken en de bunkers in puin aan de andere kant. Na een tijdje was het de bedoeling om links de duinen in te gaan, maar dat was zonder de inmiddels gekende “verboden toegang” gerekend.

Zo kregen we dus nog wat extra kilometers strandwandelen. Gelukkig was er halfweg een tweede kansen en konden we toch nog een stukje duinen meepikken, die we moesten verlaten via een erg steil stuk. Zo hadden we ook meteen onze duinsurfskills kunnen demonstreren.

Weg van de zee

Na nog wat strand, kwamen we aan in het wat zielloze Saint-Cecile-Plage, wat wel goed was om een pauze in te lassen. Hierna was er nog een klein stukje strand en een smal pad. Dit moesten we verlaten en kwamen we de volgende kilometers terecht op een autobaan, die vrij druk was door de auto’s en mobilhomes die van en naar de nabijgelegen camping reden.

Het was dus een stukje saaier, maar hier was het nog vrij aangenaam wandelen omdat de auto’s zelf nog tegen een redelijke snelheid voorbij kwamen. In Camiers, een klein dorpje, pauzeerden we aan het plaatselijke gemeentehuis, waar een rokende medewerker en twee kinderen met beperkte voetbalskills die de mooie bloemetjes kapotvoetbalden de aandacht trokken.

Het laatste stukje natuur

Er volgde nog wat autoweg, waaronder een zeer onaangenaam stuk waarbij de auto’s wel tegen grote snelheid voorbijraasden. Het vervolg was echter een mooie beloning. Het pad klom door het bos naar het natuurreservaat Baie de Canche, waar we een mooi uitkijkpunt voorgeschoteld kregen. Na het afdalen volgde nog een stuk bos. Hier hoorden we plots het dreigende geknor van een everzwijn. Spannend, maar op kousenvoeten geraakten we toch voorbij dit punt.

Nog een kilometer later langs de wat droge baaien kwamen we aan in Étaples waar we terechtkwamen in de voorbereidingen van het driedaagse festival de la Coquille. Wij hadden echter een andere eindbestemming. Onze eerste trein bleek afgeschaft te zijn, maar tweede keer goede keer en om kwart na 5 kwamen we aan in Amiens, met z’n impressionante kathedraal en z’n bijzondere Tour Perret en z’n vele Jules Verne-themed attracties en bezienswaardigheden.

Sfeerbeelden van Amiens

Meer wandelingen op de GR 120 vind je hier: https://fromtheseatothelandbeyond.com/gr-120-de-opaalkust/

GR 120 dag 4: Boulogne-sur-Mer – Hardelot-sur-Plage

🥾 Terrein: Afwisselend; havengebied, strand, duinen en velden. Soms lastige overgangen (uitdagingen met afgesloten duinpad en beek).

🏰 Bezienswaardigheden:

  • Historische binnenstad Boulogne
  • Haven met bedrijvigheid en vislucht
  • Kleine aerodrome met paragliders
  • Grote bunker langs de route
  • Equihen-Plage
  • Hardelot-Plage: dijk, oude villa’s

🗺️ Afstand & duur: Ongeveer dagwandeling, ca. 20-22 km

⛰️ Zwaartegraad: Gemiddeld – strandzand, omwegen en technische stukken bij beek en afgesloten paden maken het een klein beetje pittig.

⭐ Oordeel: 3,5/5

Vandaag was er opnieuw een volwaardige wandeldag. Deze was dus te beginnen met een goed ontbijt. We wandelden bij het verlaten van het centrum van Boulogne langs de inmiddels gekende plaatsen in de historische binnenstad. Het contrast met het eerste gedeelte van deze wandeldag was dan ook best groot.

Havenactiviteit

Om uit Boulogne te geraken wandel je namelijk een vrij lang stuk door de haven. Dat is in het begin best nog charmant en geeft je een zicht op de vele bedrijven. Maar na een tijdje verlang je toch naar natuur en er is maar zoveel visgeur dat een mens kan hebben.

Na opnieuw wat verward te zijn door de navigatie-app en de daadwerkelijke route kwamen we uit op een parking richting het strand. Hier trokken we duinen in, wat ook niet helemaal de juiste keuze bleek te zijn. En dus namen we het strand naar Le Portel, een nogal typisch kustplekje.

Verbetering in zicht

Het was dus even uit de bebouwing geraken, maar eens in de velden was het wel prettig. Zo passeerden we een kleine aerodrome waar we iemand zagen paragliden. Er waren hier ook een hele hoop mooie paarden en verder passeerden we ook nog een uit de kluiten gewassen bunker.

In Equihen-Plage werden we beloond met het doel van onze tussenpauze, de plaatselijke Carrefour. We hadden hierop gerekend zodat we minder eten tijdens het eerste deel van de wandeling moesten meenemen. Zo kon er wat gewicht gespaard worden. Verder waren we vooral blij dat we hier niet moesten overnachten.

Noodgedwongen strandwandelen #5

Na een kilometer uit het dorpje kwamen we terug op het strand. Hier ging de GR normaal gezien door een mooi duinenpad. Maar opnieuw stond er dat de route afgesloten was, dit keer door overstromingen en bijgevolg de onbegaanbaarheid van het gebied. We keerden dus terug voor nog wat strandwandelen.

In de verte zagen we de wat meer typische kustskyline van Hardelot-Plage met moderne appartementsblokken. Om daar te geraken moesten we nog een obstakel voorbij, een beekje dat te diep was om zomaar over te steken. We ging via een zandpad met weinig marge en kans op verzakking. We geraakten gelukkig aan de overkant zonder twee meter naar beneden richting het water te schuiven.

Hardelot-sur-Plage

Op de dijk was het tijd om te rusten. Sara’s zin in een ijsje resulteerde in 2 ferrero-Magnums per persoon, aangezien we uiteraard geen diepvries hadden en een pak van 4 volgens haar value for money was. Ons hotel, les Jardin des Hardelots, was heel proper. Na een slaatje en pasta verkenden we Hardelot zelf, met nog heel wat knappe oude villa’s en een kerk waar agenten de wacht hielden voor de mis. Speciaal.

Meer wandelingen op de GR 120 vind je hier: https://fromtheseatothelandbeyond.com/gr-120-de-opaalkust/

GR 120 dag 3: Wimereux – Boulogne-sur-Mer

🥾 Terrein: Korte wandeling met lichte klim naar natuurgebied en daarna strand, havengebied en historische stad binnen de omwalling.

🏰 Bezienswaardigheden:

  • Pointe de la Crèche (natuurgebied met bunker en industrieel erfgoed)
  • Boulogne-sur-Mer: haven, historische binnenstad met belfort en kathedraal
  • Omwalling met wandelmogelijkheden en mooi uitzicht
  • Aquarium Nausicaa: educatief en indrukwekkend met zeehonden en roggen

🗺️ Afstand & duur: Kort, ca. 5 km; gecombineerd met bezoek aquarium en stad.

⛰️ Zwaartegraad: Licht, geschikt als ontspannende dag met cultuur en natuur.

⭐ Oordeel: 3/5

Vandaag was er een heel korte wandeling ingepland van om en beide vijf kilometer. Dit had een goede reden. Boulogne-sur-Mer is een grotere stad met ook het grootste aquarium van Europa, iets wat mijn vrouw al heel lang wilde bezoeken. De wandeling zelf was dus kort, maar krachtig en stond ook op zichzelf als een redelijk fijn stuk.

Pointe de la Crèche

Het begon met een trage maar gestage klim uit Wimereux richting Pointe de la Crèche. Dit is een natuurgebied met ook nog een bunker en op het strand onderaan restanten van een industriële site met voormalige spoor. Er was geen regen vandaag, maar wel heel stevige wind, die vooral op het gelijknamige uitkijkpunt serieus te keer ging. Het landschap was best mooi, met zicht op zee.

Aan de dijk en binnen de muren

Niet veel later (zeker op een wandeling van vijf kilometer) draaiden we af richting Boulogne-sur-Mer, waar we via het strand op de dijk kwamen die iets minder feeëriek was. De havenindustrie langs deze kant was zichtbaar in de verte en gaf een verlaten, verouderde indruk, wat op zich nog wel iets had. Een iets aangenamer gedeelte bracht ons naar de brug waar het officiële einde van deze wandeldag lag.

De eerste kennismaking met het centrum was ook iets minder aangenaam. De straat was wat grellig en het was ook best pittig stijgen. Maar de historische stad, binnen de omwalling, is wel erg de moeite, met z’n belfort, gezellig parkje aan het stadhuis en vooral z’n in het oog springende kathedraal. Je kan er ook op de omwalling wandelen en meer leren over de wijk tussen de muren en het stuk Boulogne daarbuiten.

Blub blub

Na een lekkere lunch (erg goede broodjes) trokken we naar Nausicaa, waar het erg druk was omwille van de paasvakantie. Het is verrassend erg educatief, met heel veel uitleg over de oceaan, het leven in de zee, het klimaat en hoe die allemaal verbonden zijn. Er waren enkele leuke en opvallende dieren met als hoogtepunt de zeehonden, de gigantische rog en de vele vissen in het enorme bassin.

Avondvertier

Na ons bezoek en een wandeling op de muren was het tijd voor de check in en daarna lekker eten in een klein Italiaans restaurantje. Gusto ligt net buiten de stadsmuren en wordt uitgebaat door een heel enthousiaste vrouw en haar man. We aten er een lekkere pizza en een pasta al pomodoro. Een hele leuke setting en sympathieke eigenaars. We sloten nog af met een rondje op de omwalling.

Meer wandelingen op de GR 120 vind je hier: https://fromtheseatothelandbeyond.com/gr-120-de-opaalkust/

GR 120 dag 2: Wissant – Wimereux

🥾 Terrein: Afwisselend duinpad, strand, klifpad (gesloten wegens erosie), velden en dorpjes. Veel navigatie-uitdagingen en omleidingen.

🏰 Bezienswaardigheden:

  • Cap Gris-Nez
  • Framezelle met klein dorpje en bunker
  • Audinghen met indrukwekkende kerk
  • Wimereux met prachtige Belle Epoque architectuur

🗺️ Afstand & duur: Gepland 23 km, door omleidingen en keuzes uiteindelijk korter gelopen; bus genomen voor laatste stuk.

⛰️ Zwaartegraad: Matig uitdagend door lastige paden en navigatie, met extra kilometers door omleidingen.

⭐ Oordeel: 3,5/5

Vandaag was er enige nervositeit en dit om twee redenen. Ten eerste voorspelde de Franse weermannen al even wat regenweer, wat op de ene website bestond uit gespreide buien en op de andere onweersbuiten. Ten tweede was het 23 km en na de eerste dag, en de soms wat wankele aanduidingen, waren we beducht voor extra kilometers. Gelukkig was het ontbijt goed en had ik in de Spar extra proviand gekocht.

Drizzle en dralen op het strand

De wandeling zelf begon met lichte miezerregen op de dijk van Wissant. Al snel klom het omhoog langs een zwaar te bewandelen duinpad. Het bood weliswaar heel mooie natuur. Na een tijdje daalden we terug af naar het strand. Hier begon de eerste verwarring. De gpx leidde ons naar een steil pad waar de begroeiing steeds denser werd en het niet zo eenvoudig begaanbaar was. Ik vond het net iets te bizar en we besloten om verder te gaan via het strand.

Maar daar was het weer niet duidelijk of het pad naar boven veel optimaler was. En dus kozen we terug voor een omweg die uiteindelijk toch meer GR bleek dan de andere opties. Een goede beslissing, maar het toonde wel de nood aan alertheid aan. Uiteindelijk bleek onze derde keuze wel de goede te zijn en alles verliep rustig tot aan de Cap Griz-Nez.

Omleiding #2

Hier moesten we niet de Cap Gris Nez op en besloten we even te stoppen voor een tussendoortje in het kleine dorpje Framezelle. Hier begon de tweede verwarring, deels door onszelf, deels door het feit dat er niet gewoon een uitleg over een omleiding bij de paal stond die naar de oude GR leidde. We gingen dus eerst richting het klifpad, een plek genaamd Danger. Nomen est omen. Door erosie bij de kliffen was dit stuk afgesloten en moesten we dus opnieuw op onze stappen terugkeren.

We keerden dan terug naar de nieuwe GR maar deze leek ons weer weg te sturen van de richting waar we naar toe moesten. We kozen eieren voor ons geld en besloten zelf in een alternatief te voorzien. Zo deden we uiteindelijk een stuk van de streek GR “Entre Cap et Baie” om zo naar het dorpje Audinghen te wandelen, dwars door de velden en langs een indrukwekkende bunker. Zo arriveerden we in het centrum, waar de opvallende kerk met ingetapete klokken al ons van in de verte had geïntrigeerd. Een ideale lunchplek.

Vroege stop

Vanaf daar was het nog 3 kilometer tot Audreselles, waar we terug op de echte GR zouden komen. Het pad ging door velden en weiden met zicht op de Cap Gris-Nez aan de ene kant en enkele dorpjes aan de andere kant. En voor ons was er de zee en een imposante kerk. Hier aangekomen restte ons de keuze om door te gaan. Het was ondertussen kwart voor 2 en we hadden nog 10 kilometer te gaan. Gezien de omstandigheden, met onder andere de vele extra kilometers, besloten we om de bus te nemen naar Wimereux.

Wimereux

Wimereux zelf was een opvallend mooi stadje met heel wat Belle Epoque architectuur dat bewaard is gebleven, ondanks de oorlog, en erg de moeite waard is. Het is een bezienswaardigheid en mensen nemen vaak her en der foto’s. Niet zo fijn voor de bewoners misschien. Eten deden we in een zogenaamde ‘Parijse brasserie’ L’Entre, waar we ons te goed deden aan een slaatje kip en zeebaars. En ik door omstandigheden twee desserts moest eten.

Meer wandelingen op de GR 120 vind je hier: https://fromtheseatothelandbeyond.com/gr-120-de-opaalkust/

GR 120 dag 1: Calais – Wissant

🥾 Terrein: Strand, duinpad, promenade, klifpad langs witte kliffen, gras- en kiezelpaden, en stukjes dorp.

🏰 Bezienswaardigheden:

  • Belfort en stadhuis van Calais
  • Duinen van Fort Mahon
  • Sangatte met zicht op tunnel naar Engeland
  • Cap Blanc-Nez met uitzicht op White Cliffs of Dover
  • Witte kliffen en miniatuur Seven Sisters-achtig landschap
  • Karkassen van bunkers langs het strand
  • Gezellig dorpje Wissant

🗺️ Afstand & duur: Ca. 22 km gewandeld; dagwandeling.

⛰️ Zwaartegraad: Matig; grootste inspanning klim naar Cap Blanc-Nez, verder grotendeels vlak met zand- en kiezelpaden.

Oordeel: 4,5/5

Met de trein naar de Opaalkust

Na wat twijfels besloten we om onze kortere wandelweek in te lassen naar de opaalkust. Daar loopt de GR 120 langs de bekende kustlijn. We hadden deze reis al eens uitgewerkt en ingepland, maar toen hadden Franse stakers er een stokje voor gestoken. Door het slechte weer hadden we ook beslist om het alternatief van de wagen aan ons voorbij te laten gaan. Alles lag dus klaar en naar ons te blinken.

We namen best vroeg de trein in Halle om daarna met de TGV naar Lille Europe te razen. Een stel andere reizigers hadden plannen via reisbureau de Blauwe Vogel en waren zo belachelijk zwaar beladen dat ik enkel kon vermoeden dat ze een cruise gingen doen. Na de vlotte TGV-tocht ging het van Lille Flandre naar Calais, in een treinwagon die eerder aanvoelde als een koelkast.

Strand en duin

Calais zelf was in eerste instantie minder gezellig. Aan het station heb je wel het indrukwekkende stadhuis met het bijzondere belfort. Maar het centrum en de plaatselijke Carrefour trokken wat minder gezellige sujetten aan. Gelukkig trokken we snel richting de kust en arriveerden we een goed kwartier later aan de dijk, om aan ons stukje GR te beginnen.

Aan de kust was het aangenamer. Onze tocht begon met een lange stuk promenade en vandaar wandelde we voor het eerst het strand op, iets wat logischerwijs een constante zou zijn op deze reis. Vervolgens ging het voor het eerst een duinenpad in, nog iets wat we meermaals zouden doen. In de duinen van Fort Mahon was het pad goed begaanbaar, met een mix van zand, kiezels en gras.

Naar de Cap Blanc-Nez

Vervolgens kwam de GR terug uit op de dijk, een hele hoop oude en vaak verlaten uitziende strandhuisjes voorbijgaand. Nochtans is het uitzicht op de zee hier heel mooi, maar het moet zijn dat het niet langer het nodige comfort garandeert aan de kustgangers die vandaag de dag naar de Opaalkust trekken. Het was de voorbode van Sangatte, bekend van de tunnel richting Engeland, waar een lunch werd genuttigd op een van de bankjes met zicht op zee.

Hierna volgde het grootste stuk klimwerk dat we op onze 5 dagen tot een goed eind zouden moeten brengen. We begonnen onder de zeespiegel en moesten richting de 150 meter. Gelukkig gebeurde dat allemaal gestaag en in een mooie omgeving die tijdens het eerste stuk wat deed denken aan onze wandeling door de Clwydian Range in Wales of langs de Beara Way in Ierland. Eens langs de Noir-Mottes en Le Mont du Hubert werd het weer opnieuw meer kustig.

In de verte zagen we ondertussen de obelisk, officieel het Dover Patrol Monument steeds dichterbij komen. Via een kronkelweg bereikten we de Cap Blanc-Nez, waar er plots opmerkelijk veel volk was, te verklaren door het feit dat deze toeristische trekpleister makkelijk bereikbaar was door twee parkings. Van hieruit waren ook in de verte de white cliffs of Dover te zien.

De route hier was wat onduidelijk, wat ook misschien kwam door onze eigen GPX waarbij de maker ook de dagen daarna een bijzondere eigenzinnigheid toonde. We stonden hierdoor even te schilderen aan een hek dat met een cijferslot was afgesloten. Sara overwoog nog even over de omheining te kruipen, maar uiteindelijk vonden we toch een logischere weg.

White cliffs en spiegelend strand

Via een kiezelig pad daalden we met niet al te praktische trapjes af, tot we uiteindelijk op graspaden terechtkwamen die langs de witte kliffen klommen en daalden. Het was een miniversie van de Seven Sisters aan de zuidkust van Engeland en een heel mooi slot voor deze eerste, zeer veelzijdige dag.

Er volgde nog 3 kilometer strand tot we uiteindelijk met her en der karkassen van bunkers en op het strand kleine stroompjes die zorgde voor een spiegeleffect passeerden. Wissant zelf is een klein en gezellig dorpje. Hier verbleven we in het aangename Hotel de la Baie en aten we in een zeer authentiek restaurantje dat qua prijs zeer goed zat, maar qua kwaliteit misschien ietsje minder was.

Meer wandelingen op de GR 120 vind je hier: https://fromtheseatothelandbeyond.com/gr-120-de-opaalkust/

Opaalkust en GR 120: Wat?

De opaalkust: Wat?

De opaalkust is de naam die wordt gegeven aan een deel van de Noordzeekust in Noord-Frankrijk. Het begint vlakbij de Belgische grens in Bray-Dunes en gaat tot Berck-sur-Mer. Het is een toeristische trekpleister met enkele bekende kuststeden zoals Duinkerken, Calais en Boulogne-Sur-Mer, maar ook met heel wat bunkers uit de tweede wereldoorlog en de twee befaamde Caps, de Cap Blanc-Nez en de Cap-Gris Nez.

Qua natuur is het deels typisch kustgebied, maar ondanks z’n beperkte lengte is het toch best divers, met zandstranden, kiezelstranden, duinen maar ook witte kliffen. Rond de caps gaat het richting de 150 meter, waardoor er ook wat nivellering is. De duinen zijn echter een kwetsbaar gebied. Er zijn zoals gezegd enkele grotere steden, maar ook heel wat kleinere stadjes en dorpjes en door z’n toeristisch belang zijn er ook veel accommodaties, restaurants etc.

Het was overigens de schilder Édouard Lévêque die de streek z’n naam gaf, vanwege het kleurenpalet dat hij tijdens zijn kunstige bezigheden ervaarden, die hem deden denken aan de opaal. Kunst, cultuur en recreatie gaan hand in hand. En alsof dat nog niet genoeg is, vind je er ook nog het smalste stukje Kanaal. Je kan dus, op een mooie dag, de white cliffs of Dover in de verte zien.

GR 120: Wat?

De GR 120 is een deel van het lang uitgestrekte netwerk van kustwandelingen van de E9 dat van Portugal naar de Baltische staten loopt. Het Sentier du Littoral zelf is 300 kilometer lang en gaat verder dan de opaalkust. Het vertrekt in Bray-Dunes en eindigt in Le Tréport, waar het overgaat in de GR 21, dat de Albasten Kust afwandelt en wat we zelf ook grotendeels deden in 2021.

Wij besloten hiervan een klein stukje te doen, namelijk van Calais tot in Étaples, goed voor 4 volle wandeldagen en een kortere, waardoor we ook Boulogne-Sur-Mer konden bezoeken. De hoogtemeters zijn beperkt en het wordt nergens echt technisch. Het is echter wel zo dat de bewegwijzering niet altijd even goed onderhouden wordt en door omstandigheden waren er ook veel omleidingen. Het is dus aangewezen om Topguide, GPX en wandelapp of kaart bij te hebben om af en toe te improviseren.

Door de nabijheid is het eenvoudig te bereiken via openbaar vervoer (langs Rijsel) en door de populariteit zijn er onderweg heel veel hotels, B&B’s, restaurants, winkels en openbare toiletten. Het is dus comfortabel reizen en je kan doorgaans onderweg je daglunch ergens kopen in een van de supermarkten of bakkerijen.